Turkse Alevieten

Als je verschillende mensen in Turkije vraagt, ‘Wat zijn alevieten ?’, krijg je verschillende antwoorden: • Een aleviet is iemand die de familie van Mohammed liefheeft en bovenal Ali. • Een aleviet is geen moslim en staat zelfs verder van de waarheid af dan een christen. • Een aleviet is iemand die de innerlijke, ware Islam volgt. • Een aleviet volgt een filosofie, een manier van leven.

Oorsprong
Na Mohammed werden er achtereenvolgens vier kaliefen gekozen als zijn opvolgers. De vierde was Ali de neef van Mohammed. Mohammed adopteerde hem als zijn zoon en gaf hem zijn dochter Fatima ten huwelijk. Er ontstond echter onenigheid over de opvolging van Mohammed. Ali werd in Koefa, een stad ten zuiden van Bagdad in een moskee vermoord. Hierna vond er een splitsing plaats binnen de islam tussen de soennieten en de sji’ieten. De alevieten behoren bij de sji’itische stroming binnen de islam. Ze noemen zich alevieten, wat komt van Ali-evi (het huis van Ali). Er zijn echter grote verschillen met de sji’ieten in Iran en Irak, waarmee alevieten niet vergeleken willen worden. De precieze datum van het ontstaan van het alevitisme is niet bekend, maar tijdens de volksverhuizing van Turkse stammen vanuit Centraal Azië naar Anatolië (Midden Turkije) in de 9de en 10de eeuw na Christus, krijgt het alevitisme steeds meer bekendheid.

Koran
Alevieten geloven net als soennitische moslims in de heilige boeken, de Tawrat van Mozes, de Zaboer van David, de Injil van Jezus en de Koran van Mohammed. Daarbij heeft de Koran een speciale plaats omdat dit de laatste (geschreven) openbaring van God is. De alevieten interpreteren de Koran echter op een andere manier en halen er vooral geestelijke lessen en waarden uit. Een regel om vijf keer per dag te bidden of een hoofddoek te dragen is volgens hen niet uit de Koran af te leiden. De alevieten geloven net als soennitische moslims dat Mohammed de laatste profeet is, met wie het profeetschap afgesloten is. Ali is dan wel geen profeet, maar voor hen wel van groot belang, omdat hij tot de familie van Mohammed behoort en volgens alevieten het geestelijk leiderschap op hem is overgegaan.

Geloofsleven
Ook alevieten stemmen in met de bekende islamitische geloofsbelijdenis: ‘Er is geen god dan Allah en Mohammed is zijn profeet’. Sommigen van hen zullen er nog aan toevoegen dat Ali de apostel en vertrouweling van de profeet is. De andere zuilen (plichten) van de islam worden echter op een andere manier ingevuld. Het rituele gebed, vijf keer per dag in de richting van Mekka, wordt niet door alevieten verricht. Ze zeggen dat een echt gebed een innerlijk contact met de Allerhoogste betekent. Ze merken vaak op dat je gebed totaal niet van waarde is, wanneer je in onmin met je naaste leeft. Daarnaast zegt men dat niet Mekka, maar je naaste de focus van je gebed behoort te zijn. Hierdoor worden ze vaak als een humanistische stroming binnen de islam gezien.

Alevieten vasten niet tijdens de maand Ramadan, maar gedurende 12 dagen vanaf de twintigste dag na het offerfeest. Daarnaast is er in de maand februari een driedaagse vasten periode (Hizir orucu). Veel alevieten gaan niet op bedevaartstocht naar Mekka, maar bezoeken wel graven van hun heiligen in Turkije. Duizenden Turkse alevieten bezoeken op 16 augustus, de sterfdag van Haci Bektash, zijn graf in Kirsehir in Turkije, om deze alevitische heilige te eren en te herdenken.
Alevieten verwerpen onder meer de djihaad in de betekenis van heilige oorlog, moord en onderdrukking van afvalligen en de achtergestelde positie van de vrouw. Ook de moskee heeft voor hen een negatieve betekenis, omdat Ali in een moskee is vermoord. Hierdoor lijkt het dat ze weinig te doen hebben met de islam en veel soennitische moslims aanvaarden hen niet als moslims. Er zijn zelfs de laatste jaren nog verschillende voorbeelden geweest van onderdrukking van deze groep in Turkije. Zelf benadrukken ze dat ze juist de essentie van de islam navolgen.

Bijeenkomsten
De alevieten komen samen in een cem, een ruimte waar religieuze bijeenkomsten worden gehouden. Men denkt dat het woord ‘cem’ uit het Arabisch ‘djemaat’ of het Farsi ‘djemm’ afkomstig is en ‘plaats van samenkomst’ betekent. Vaak zijn er ‘dede’s’ (opa, wijze oude man) aanwezig in de cem’s. Deze mannen gelden als ‘wegwijzers’ voor de anderen. Ze worden gezien als mannen die dichterbij God, de Almachtige, zijn gekomen en daardoor wijsheid en inzicht hebben gekregen. Binnen de ‘cem’s’ wordt er rechtspraak in familierelaties toegepast. Voor raad bij problemen kan men naar een ‘dede’ gaan. Bij speciale samenkomsten wordt er een mystieke dans (sema) opgevoerd. Een belangrijk onderdeel van het alevitisme komt tot uiting in de alevitische poëzie en liederen. Deze worden ook in de cem opgedragen en gezongen.

Geloofsleer
Alevieten geloven dat er vier deuren zijn om tot volmaaktheid te komen:
Seriat (de regels, de gelofte, met je verstand God zoeken)
Tarikat (verbonden zijn aan een dede, een wegwijzer, de goede weg bewandelen)
Marifet (in woord en in daad het goede doen, het goddelijke is in je)
Hakikat (het geheim kennen, de innerlijke kennis, de Waarheid leren kennen)
Bij elke deur horen tien stappen/treden. Om volmaakt mens te worden, moet men de vier deuren met veertig treden doorgaan.
De leer van alevieten is vermengd met allerlei vormen van bijgeloof en mystieke rituelen. Er zijn wonderverhalen over Ali die als een sprekende leeuw aan Mohammed is verschenen en een legende dat Haci Bektash door een spleet in een rots samen met zijn paard aan de vijanden is ontsnapt. Veel alevieten branden kaarsen bij graven van heiligen, hangen stukjes stof met wensen aan heilige bomen, kussen afbeeldingen van Ali en andere heiligen en gaan naar genezers.


Men schat dat in Nederland 30% van de migranten uit Turkije aleviet is. In tal van plaatsen zijn alevietische verenigingen en zijn er ruimten als cem ingericht. Hebben we als kerk ook oog voor ‘het huis van Ali’? Wanneer iemand vanuit alevitische achtergrond tot geloof in Jezus komt, wordt men door de familie meestal niet bedreigd of uitgestoten. Wel blijft er vaak grote morele druk om mee te blijven doen aan de alevitische rituelen.
 

terug